In veel organisaties waar ik kom wordt nogal denigrerend omgegaan met het organogram. Meestal wordt dan niet gesproken over de organisatiestructuur maar over de hark. Bovendien op een manier waarop het lijkt alsof de hark een noodzakelijk kwaad is. Niets is minder waar.
Het organogram geeft aan wie waarvoor verantwoordelijk is.

Stel dat er een probleem is bij school A. Dan is duidelijk dat de Directeur van school A wat te doen heeft. Daarover kan geen misverstand bestaan.
Maar stel nu dat het bestuur de directeuren van school A,B en C vraagt gezamenlijk een voorstel te doen om een probleem op te lossen. Dat is wat ik in de praktijk vaak tegen kom. Natuurlijk wordt gehoopt dat de directeuren er samen uit komen. En in veel gevallen zal dat ook het geval zijn. Maar ik hoop dat elke directeur daarbij niet het belang van zijn eigen school uit het oog verliest. En bereid is, omwille van het belang van zijn school, te verklaren zich niet te kunnen vinden in een voorstel dat door de overige directeuren wordt gedaan. En dat hoop ik om drie redenen.
Makkelijke en moeilijke beslissingen
Voor heel veel situaties is het hebben van een duidelijke organisatiestructuur niet noodzakelijk voor het nemen van de beste beslissingen. Namelijk als het gaat om makkelijke beslissingen met weinig impact. Echter, als het spannend en ingewikkeld wordt is een duidelijke hark cruciaal. En juist voor die situaties is de organisatiestructuur ingericht.
Mensen zijn gelijkwaardig. Functies hoeven dat niet te zijn.
In die zin is het te vergelijken met de Brandweer. Die wordt voorbereid en ingericht op het bestrijden van grote branden. En bij een grote brand is duidelijk over de hark en daar naar handelen cruciaal. Er is geen discussie over wie beslist. Dat is de commandant. Maar veelal, bij kleine eenvoudige klusjes zoals een kat uit de boom halen, speelt de hark nauwelijks een rol en wordt er vanuit gelijkwaardigheid gehandeld.